Een terugblik

"Umda w'Almoal Kammeroaden Bint"

De oprichting

De voetbalvereniging Asser Boys zag het levenslicht in de wagenmakerij van Rinke Dijkstra aan de Rolderstraat in Assen. De oprichters, Sam Dijkstra, Hans Jalvingh en Gerrit Leppers vonden dat het tijd werd voor een tweede voetbalvereniging in Assen. Voor hen was, als zonen van kleine middenstanders, geen plaats bij het destijds zeer elitaire Achilles 1894. Ze werden geballoteerd en besloten toen zelf maar een vereniging op te richten. Hier ligt de oorsprong van de gezonde rivaliteit die tot op de dag van vandaag tussen beide verenigingen bestaat. Tot in de jaren tachtig van de vorige eeuw was het ondenkbaar om van de ene naar de andere vereniging over te stappen. "Verraders" werden paria's, gezinnen en families door ruzie uiteengescheurd.  Gelukkig zijn tegenwoordig de verhoudingen genormaliseerd en werken de verenigingen bij de organisatie van grote jeugdtoernooien eendrachtig samen. Op 13 oktober 1919 was het zo ver. De naam van de nieuwe club werd "Columbia", een naam die al snel werd ingeruild voor de naam "Blauw-Wit", naar de kleuren waarin men speelde, toen nog een wit shirt met blauwe broek en kousen. Later werd gekozen voor een korenblauw shirt met witte kraag en manchetten, een witte broek en korenblauwe kousen met witte boord.

De eerste jaren

De begintijd kenmerkte zich door een chronisch geldgebrek bij de vereniging. Voor een nieuwe wedstrijdbal kon worden aangeschaft, moest men eerst met de pet rond. Ook toen al streefde de club er naar om de contributie zo laag mogelijk te houden, zodat zoveel mogelijk mensen in staat zouden zijn de nobele voetbalsport te beoefenen. De reputatie van Asser Boys als "arbeidersvereniging" stamt uit die tijd. De eerste jaren na de oprichting speelde Blauw-Wit vooral wedstrijden tegen clubs uit de omgeving. Zoals Zeijen, VDW, Roda van Lombok en Vinea uit Anreep. Deze wedstrijden werden vaak in series georganiseerd door caféhouders, die de extra klandizie goed konden gebruiken. Voor de clubs was er  het voordeel dat de cafés door de clubs konden worden gebruikt als kleedkamer en kantine. Veel verenigingen beschikten destijds niet over een eigen accommodatie. Blauw-Wit had haar thuisbasis dan ook bij Café Bisschop in Kloosterveen en speelde achter wat bekend stond als "Schrage’s Bossie".

Onder de vlag van de voetbalbond

In 1923 besloot het bestuur dat de tijd rijp was om toe te treden tot een officiële voetbalbond, de zuidelijke afdeling van de Groninger Voetbalbond. Het was toen dat de vereniging noodgedwongen een andere naam moest kiezen. Unaniem werd gekozen voor "v.v. Asser Boys". In 1927 trad Asser Boys toe tot de dan net opgerichte Drentse Voetbalbond. Niet lang na de toetreding tot de DVB werd Asser Boys voor het eerst kampioen, na een met 4-2 gewonnen beslissingswedstrijd tegen Gieten.

De jaren '30 en '40 van de vorige eeuw

De jaren Dertig van de vorige eeuw waren moeilijk voor  Asser Boys, grote werkloosheid zorgde voor bittere armoede onder de leden van de vereniging. Om te voorkomen dat veel leden zouden afhaken werd het besluit genomen om gehuwde werkloze leden vrij te stellen van contributie. Ongehuwde werklozen betaalden de helft. De penningmeester, Sam Dijkstra, hield een dubbele administratie bij, zodat de werklozen als zodanig niet herkenbaar waren bij de club. Gedragen door deze solidariteit werd Asser Boys juist in deze moeilijke tijd, 1931, kampioen van de Drentse Afdeling en werd besloten om het lidmaatschap van de KNVB aan te vragen.

Inmiddels was de vereniging verhuisd naar het Sportpark Stadsbroek, waar op het oude veld van Achilles werd gespeeld. Later speelde Amboina nog op dit veld.

In die dagen werd overigens niet gesproken over het eerste, tweede of derde elftal. De elftallen hadden allemaal bijnamen, zo was er "Rusland", "De wrakke latten", de "Goudploeg" en de "Renploeg". Helaas is deze gewoonte bij Asser Boys in onbruik geraakt. We zouden heel wat leuke bijnamen kunnen verzinnen. De periode 1940-1945 was ook voor Asser Boys een zeer zware tijd. Maar liefst acht leden van de kleine club werden vermoord door de bezetter. Een klap die de club nauwelijks te boven is gekomen. Slechts dankzij de al eerder genoemde saamhorigheid kon Asser Boys de draad in 1946 weer oppakken.

Na de oorlog

Het jaar 1948 was een mijlpaal in de geschiedenis van Asser Boys. De gemeente Assen besloot om voor de club een nieuw clubgebouw te bouwen. Met dien verstande dat de leden van de vereniging, waarvan een relatief groot aantal in de bouw werkzaam was, zelf gas, water en elektriciteit moesten aanleggen. Kenmerkend voor de club was dat het klusje in een oogwenk was geklaard. Zelfwerkzaamheid is altijd één van de sterke punten van Asser Boys geweest.

Het clubgebouw aan de Stadsbroek

Het "nieuwe" clubgebouw 1948

Sportief success

Ook 1950 was een gedenkwaardig jaar. In dat jaar meldde zich namelijk Willem Greving als twaalfde lid van het gezin Greving aan als lid van de vereniging. Asser Boys kon een heel elftal + reserve aan Grevings op de been brengen. Hetgeen daadwerkelijk gebeurde toen het elftal Greving aantrad tegen het familie-elftal Alting uit Sneek! De jaren Vijftig en Zestig van de vorige eeuw waren in sportief opzicht de beste jaren voor Asser Boys. Er werden verschillende kampioenschappen behaald en het eerste elftal van Asser Boys mocht in 1952 zelfs in de 2e Klasse van de KNVB opereren. In 1956 volgde degradatie, maar in het seizoen 1956/1957 wist Asser Boys opnieuw de 2e Klasse te bereiken. In 1962 volgde degradatie naar de 3e Klasse. Het jaar daarop werd Asser Boys weer kampioen en trad andermaal toe tot de 2e klassers. In 1968 eindigde Asser Boys als laatste in de competitie en degradeerde daarmee weer naar de 3e klasse. Vanaf toen is Asser Boys er niet meer in geslaagd om opnieuw in de 2e Klasse te acteren. 1968 was het laatste jaar dat Asser Boys in competitieverband tegen aartsrivaal Achilles 1894 speelde.

Rinus Michels

Niet onvermeld mag blijven dat de bekende trainer Rinus Michels, die later grote successen behaalde met Ajax, Barcelona en het Nederlands Elftal, zijn trainerscarrière is begonnen bij Asser Boys. De heer Michels was destijd als sportinstructeur werkzaam bij Defensie in Hooghalen, had net zijn trainersdiploma op zak, en zocht een club om trainerservaring op te doen. In diezelfde periode was de toenmalige trainer, de heer Liepertz - volgens sommigen de beste trainer die de club ooit heeft gehad, bij Ruinen verongelukt met zijn motor.  Asser Boys zocht daarom met spoed een nieuwe trainer en was er als de kippen bij om Michels in te lijven. Hoewel hij slechts één seizoen bij Asser Boys actief was, is zijn invloed nog jaren merkbaar geweest. Hij continueerde de ijzeren discipline die door de heer Liepertz was geïntroduceerd en legde sterk de nadruk op een keiharde trainings- en wedstrijdmentaliteit. De oudere leden die nog door hem zijn getraind, denken nog steeds met plezier terug aan dat ene seizoen, dat ook nog eens met een kampioenschap werd afgesloten.

Naar de Houtlaan

In 1964 werd een nieuw sportcomplex aan de Houtlaan in Assen geopend en op dat complex was ruimte voor Asser Boys. Ook het nieuwe clubgebouw werd gerealiseerd dankzij de inzet van vele vrijwilligers. Vol trots werd dan ook het nieuwe clubgebouw “De Oase” in gebruik genomen. Het bestuur had een prijsvraag uitgeschreven om een mooie naam voor het gebouw te verzinnen. Uit de honderden inzendingen werd uiteindelijk de naam "De Oase" gekozen.

De Oase 1964

De Oase 1964

Vanaf dat moment is de vereniging sterk geworteld geraakt in Assen-Oost. Heel sterk geworteld. Toen in de gemeenteraad van Assen werd besloten om op het sportcomplex een woonwijk voor de welgestelden van Assen te bouwen en Asser Boys een plek in de nieuwe wijk Kloosterveen te geven, koos Asser Boys ervoor om in Assen-Oost te blijven. Het was voor Asser Boys ondenkbaar om de wijk te verlaten waar zoveel van haar leden woonachtig waren. Bovendien zou er met het vertrek van Asser Boys, geen voetbalclub meer zijn in de grootste wijk van Assen!

Sportpark Lonerstraat

Asser Boys kon in het jubileumjaar 1999, de club vierde toen haar 80-jarig bestaan, een nieuw complex betrekken aan de Lonerstraat in Assen. En aldus kwam Asser Boys, de geschiedenis herhaalt zich, alweer op de oude velden van Achilles terecht! De naam van het clubgebouw bleef "De Oase", als herinnering aan de goede tijden die de club aan de Houtlaan heeft doorgemaakt.

De Oase 1999

De Oase 1999

De keus om in Assen-Oost te blijven heeft de vereniging tot nu toe geen windeieren gelegd. Het ledental is, tegen de verwachting is, sinds 1999 toegenomen van zo’n 550 naar meer dan 700 in 2006.

Waar veel verenigingen in problemen raken door een gebrek aan vrijwilligers kan Asser Boys nog steeds een beroep doen op een groot leger enthousiastelingen dat Asser Boys een warm hart toedraagt. De vereniging kent een bloeiende senioren afdeling, beschikt over een sterk groeiende Vrouwen afdeling, heeft vijf futsal teams (zaalvoetbal) en een gestaag groter wordende jeugdafdeling. Daarnaast zijn binnen Asser Boys ook G-voetballers en Top Kids actief, zodat ook mensen met een verstandelijke of lichamelijke handicap kunnen genieten van het voetbal.

Asser Boys is een vereniging waar ruimte en respect is voor iedereen. Een sterke en gezellige vereniging waar solidariteit en zelfwerkzaamheid hoog in het vaandel staan. Een vereniging, die vol vertrouwen kijkt naar de toekomst.

“Umda w’Almoal Kammeroaden Bint.”


Dit artikel verscheen oorspronkelijk in de speciale krant die in 2004 ter gelegenheid van het 85-jarig jubileum in een oplage van 10.000 stuks in Assen en omgeving werd verspreid en is sindsdien op verschillende punten aangepast.
© H. Bebingh, Assen 2004/2007

Clublied v.v. Asser Boys

(tekstdichter en componist onbekend, melodie onbekend)

Voetballers zijn wij, als vrienden verenigd.
Als Kameraden steeds op het terrein.
Altijd moet ieder van ons kunnen zeggen:
Dit is een club, waar je trots op kunt zijn.
Deze club, ons ideaal,
schenkt ons vreugde, allemaal.
Met plezier steeds saamgewerkt.
De clubgeest wordt er door versterkt.
Vooruit Blauwwit, vooruit Blauwwit.
toont, dat er pit in jullie body zit.
Vooruit dan boys, komt, zet 'm op!
zorgt er voor dat de vlag gaat hoog in top.

Gaan we het veld op, dan weten we allen
dat we gaan spelen een eerlijke strijd.
En vast en zeker spoedig zal dan blijken:
't brengt ons gewin de komende tijd.
Opgewekt steeds voorwaarts weer,
samenwerken keer op keer.
't Kan niet anders, dit staat vast,
eens spelen wij in de eerste klas.
Vooruit Blauwwit, vooruit Blauwwit.
toont, dat er pit in jullie body zit.
Vooruit dan boys, komt, zet 'm op!
zorgt er voor dat de vlag gaat hoog in top.